Overheidswebsites voldoen niet aan de Webrichtlijnen

Tja, echt nieuws is het niet: van alle gemeenten voldoet er niet een volledig aan de webrichtlijnen die door de overheid gesteld worden aan overheids websites. Daar komt nog bij dat er kennelijk ook nog weinig vooruitgang wordt geboekt. Hieronder een citaat uit de antwoorden (PDF) van de staatssecretaris naar aanleding van vragen over de webrichtlijnen gesteld tijdens de begrotingsbehandeling:

Vraag: Welk deel van de overheidswebsites voldoet inmiddels aan de webrichtlijnen?

Antwoord:
In totaal zijn er 125 webrichtlijnen waarvan er 47 automatisch kunnen worden getoetst. Voor de overige webrichtlijnen is handmatig onderzoek vereist. De resultaten uit de automatische toets geven een belangrijke indicatie van de toegankelijkheid van websites.
De maximale score is 47 punten in de automatische toetstool.
In onderstaande tabel treft u aan de metingen. Hoge of redelijke score betekent tussen 38 en 46 punten. Lage score is een score tussen 29 en 37 punten en een score lager dan 28 punten is een zeer lage score. Bij een lage en zeer lage score is er veel ruimte voor verbetering. Deze websites zijn niet of nauwelijks toegankelijk. Bij een hoge tot redelijke score is er wel gewerkt aan toegankelijkheid en is er nog ruimte voor verbetering.
De scores bij gemeenten laten nog weinig vooruitgang zien. Daarom zijn de webrichtlijnen in augustus ook opgenomen in de Versnellingsagenda ‘Betere dienstverlening met minder regeldruk’. 150 gemeenten krijgen vanaf oktober 2009 tot eind 2010 ondersteuning om hun website conform de webrichtlijnen te laten bouwen.

Helaas staan de namen van de gemeenten er niet bij. Ben eigenlijk wel nieuwsgierig.

Klacht voor gemeente Tilburg

Naar aanleiding van mijn vorige bericht zojuist via de website van de gemeente Tilburg een klacht ingediend over Virtueel Tilburg.

Klacht

Op Tilburg.nl wordt op verscheidene plaatsen doorverwezen naar Virtueel Tilburg. Echter, Virtueel Tilburg is alleen toegankelijk door middel van computers met Windows en Internet Explorer. Hoe kan het nu zijn dat de overheid diensten beschikbaar stelt waarvan de burger uitsluitend gebruik kan maken als zij producten van Microsoft heeft aangeschaft? Ik ben van mening dat een publieke organisatie publiek toegankelijk behoort te zijn.

Bent u bekend met de Webrichtlijnen (www.webrichtlijnen.nl) die voor de overheid gelden? Deze richtlijnen richten zich op het toegankelijk maken van overheidswebsites. Hoe vindt u dat Virtueel Tilburg zich verhoudt tot deze webstandaarden?

Bent u bekend met het actieprogramma NOiV (noiv.nl) van staatssecretaris Heemskerk? Dit actieprogramma zet zich in voor het gebruik van open source software en open standaarden. Hoe vindt u dat Virtueel Tilburg zich verhoudt tot dit actieprogramma?

Aangezien uw gemeente, althans Virtueel Tilburg, niet publiek toegankelijk is, niet voldoet aan de webrichtlijnen en ook niet voldoet aan de criteria van het actieprogramma NOiV, dien ik bij deze een klacht in.

Vreemd genoeg vereist de website van de gemeente Tilburg dat je bij het indienen van een klacht via de website ook een suggestie doet voor een oplossing. Gek genoeg is het bij een papieren schriftelijke klacht niet verplicht om een suggestie voor verbetering in te dienen. Waarom dan bij indienen via de website wel die verplichting? Anyway, ik heb hen gesuggereerd hun dienstverlening besturingssysteem onafhankelijk te maken en hun websites ook toegankelijk te maken voor andere browsers dan alleen Internet Explorer.

Ben benieuwd wat voor reactie ik ga krijgen. Wordt, hopelijk, vervolgt.

Ontoegankelijk Virtueel Tilburg

Vandaag deed iemand mij de suggestie om eens bij Virtueel Tilburg te gaan kijken. Ze zouden daar namelijk interessante dingen doen rondom ICT en bewonersparticipatie. Tja, maar Virtueel Tilburg is alleen gemaakt voor mensen die Windows en Internet Explorer gebruiken. En dat heb ik dus niet. Jammer.

p.s. zou zo’n lange lijst met mogelijke technische problemen nu echt helpen?

Doorzoekbare overheidswebsites

In Amerika wordt een levendig debat gevoerd over manieren waarop de overheid, via internet, transparanter gemaakt kan worden. Het memorandum “Transparency and Open Government” dat President Obama op de dag van zijn inauguratie ondertekende is daar een belangrijk voorbeeld van.

Eerder schreef ik al over afgevaardigde Honda die een oproep deed om met suggesties te komen om web2.0-technieken bij de overheid te introduceren.

Gisteren op O’Reilly een interessant artikel over dit onderwerp: “Transforming the Relationship between Citizens and Government“. Advies van Vanessa Fox van O’Reilly: investeer in het doorzoekbaar maken van overheidsinformatie. Geen hoogdravend advies met een sexy web2.0-gehalte, maar wel een advies dat in mijn ogen de basis vormt waarop verdere ontwikkelingen gebouwd kunnen worden. Twee stappen: (1) breng je informatiehuishouding op orde, en (2) maak die informatie toegankelijk. Dat klinkt simpel, maar dat is het, zeker in eerste instantie niet. Daarom het advies van Vanessa Fox: begin nou eerst eens door je overheidswebsite searchengine toegankelijk te maken. Betere zoekresultaten maken dan het materiaal dat er toch al is beter vindbaar.

Mijn ervaring met de doorzoekbaarheid van overheidswebsite is niet al te positief. Het advies van O’Reilly lijkt me dan ook voor Nederland van toepassing.

kamervragen.com

Als je op de hoogte wilt blijven van wat de Tweede Kamer allemaal doet ben je aangewezen op Tweedekamer.nl. De site is in de loop van de tijd flink vernieuwd. Maar voor achterliggende documenten (wetsvoorstellen, verslagen etc.) ben je nog altijd aangewezen op Parlando.

Parlando
Parlando is een product van de SDU en een zeer geslaagd resultaat van een serieuze poging om zoveel mogelijk data onvindbaar te maken. Het lukt mij zelden of nooit daar iets in terug te vinden. Op zich is dat ook een prestatie natuurlijk, maar als verantwoordingsinstrument van de volksvertegenwoordiging is het volkomen ongeschikt.

Kamervragen
Stel nu eens dat je wilt weten welke kamervragen er gesteld zijn en wat de antwoorden waren. Via tweedekamer.nl kom je dan op de kamervragen pagina terecht. Door het parlement wordt er kennelijk nog altijd vanuit gegaan dat iedereen Microsoft gebruikt, want de bestanden worden doodleuk in .doc format aangeboden. Ooit van NOiV of Webrichtlijnen gehoord? Nee, dan kun je toch echt beter terecht op kamervragen.com. In wiki vorm worden alle kamervragen aangeboden. Gesorteerd op indiener, minister, fractie of datum. Prima toegankelijk. De site houdt de vragen sinds 1 januari bij, antwoorden staan er nog niet tussen. Ik kan dus nog niet vaststellen of dat ook zo toegankelijk is als het overzicht van de vragen zelf. Wie er achter deze site zit, is mij nog onduidelijk (de info-pagina is nog leeg), maar dat komt nog wel. Ik vermoed dat het een particulier initiatief is.

Copyright en disclaimer
Oh ja, en dan nog een nabrander. De site van de Tweede Kamer heeft een interessante disclaimer. Zo staat er bijvoorbeeld “geen garantie worden gegeven of belofte worden gedaan dat deze gegevens en informatie vrij zijn van fouten of omissies“. Tja… wat moet ik daar mee? Is wat er op old school papier verschijnt dan wel gegarandeerd foutloos? Of moet ik er voor de zekerheid maar van uit gaan dat alle uitingen van de Tweede Kamer niet per definitie foutloos zijn? En wat te denken van deze: “Het is niet toegestaan de verstrekte informatie en gegevens … te gebruiken voor doeleinden waarvoor het ongepast is, of in gevallen waarin de kans bestaat dat er misverstanden over de oorsprong kunnen ontstaan, dan wel in gevallen waarin men doet voorkomen dat het door de Tweede Kamer der Staten-Generaal is geautoriseerd“. Dus, de info op tweedekamer.nl is niet door de Staten Generaal geautoriseerd? En wat is ongepast gebruik? We hebben het hier toch over openbare informatie? Bizar.

PDF een open standaard?

Binnen de hele discussie over open source en open standaarden trekt ‘open source‘ altijd veel aandacht, in tegenstelling tot ‘open standaarden‘, terwijl die laatsten eigenlijk veel belangrijker zijn en ook nog eens eenvoudiger te implementeren. Lees hier waarom open standaarden zo belangrijk zijn. Maar, hoe weet je nu eigenlijk of een bepaald bestand wel of niet voldoet aan de eisen van open standaarden? Dat is nog niet zo simpel.

Neem nou PDF.

PDF is zo ongeveer de meest gebruikte bestandsvorm voor het overdragen van informatie op internet. Vrijwel altijd, als er doorverwezen wordt naar een document wordt dat in PDF-vorm aangeboden. Zo worden door het raadsinformatiesysteem van de gemeente Amsterdam (het RIA) alle documenten in PDF-format aangeboden. Voldoet de gemeente Amsterdam daarmee nu aan de eis van het gebruik van open standaarden of niet?

PDF is ontwikkeld door Adobe. Voor zowel het maken als het lezen van PDF-documenten is (inmiddels ‘was’) Adobe software nodig. Daarmee waren gebruikers van PDF-documenten volledig afhankelijk van monopolist Adobe. Met alle beperkingen en risico’s van dien. Bijvoorbeeld: als je een archief opbouwt met behulp van PDF-documenten, hoe kun je dan zeker weten dat Adobe tot in lengte van jaren zijn software blijft produceren? Kortom, PDF-software was ‘proprietary software‘, zo gesloten als wat. Maar, begin 2007 kondigde Adobe aan dat zij de specificaties van PDF openbaar wil maken en wil laten voldoen aan de ISO standaarden. Daarmee zou PDF alsnog een open standaard worden.

Maar, tussen moment van aankondigen en feitenlijk voldoen aan de eisen van een open standaard kan nog heel wat tijd zitten. Kijk maar naar de discussie over OOXML. Maar, eind 2007 stemde het ISO in met het accepteren van PDF 1.7. Een belangrijke stap vooruit.

Wat is nu dan de status van PDF? Volgens mij laat die zich het beste typeren als ‘open, of toch nog niet helemaal‘. Inmiddels kun je al veel makkelijker dan enige tijd geleden PDF-jes maken. In OpenOffice (het open source alternatief voor Microsoft Office) kun je elk document met een druk op de knop exporteren naar PDF. Ook kun je inmiddels zonder Adobe software PDF-jes lezen. Toch is de status voor mij nog onduidelijk. Zie hier het advies (in PDF!) van webrichtlijnen.nl. Conclusie, sommige versies van PDF voldoen wel aan de eisen van openheid, sommige echter (nog) niet. Maar hoe je nu achterhaalt met welke versie je te maken hebt… da’s mij, ondanks allerhande tooltjes, nog niet duidelijk.

Als ik dit zo overzie dan kom ik tot de conclusie dat het wel handig zou zijn als er een, toegankelijk!, overzicht zou bestaan van bestandsformats die voldoen aan de eisen van open standaarden (of bestaat dat al?). Zoals het nu op mij overkomt is dat je een behoorlijke expert moet zijn om daar nu zicht op te hebben.

Update: per 2 juli 2008 is PDF 1.7 een open standaard (met dank aan Richard).