Gisterenavond en vanmorgen te gast geweest bij de conferentie “Andere Overheid en ICT”. Zoals de titel al doet vermoeden ging de conferentie over de rol die ICT kan spelen bij het vernieuwen van de overheid. Ik mocht optreden in een sessie met als titel “Bestuurders op het web”. Doel van die deelsessie was om de evaringen van bestuurders met een eigen website met de aanwezigen te delen. Peter Rehwinkel, burgemeester van Naarden vertelde over zijn ervaringen met zijn website en dat deed ik ook. De sessie werd afgesloten met een commentaar door Prof Zuurmond, hoogleraar “ICT en de toekomst van het openbaar bestuur”.
Een weergave van mijn verhaal:
Internet heeft zich stormachtig ontwikkeld. Tien jaar geleden hadden de meeste aanwezigen van deze conferentie waarschijnlijk nog nooit van internet gehoord. Het stereotype beeld van een gemiddelde internetter “jong, blank, mannelijk en hoog opgeleid” zal waarschijnlijk al niet meer kloppen aangezien ruim 60% van de Nederlandse gezinnen aangesloten is op internet (aldus recentelijk het Financieel dagblad). Maar het zal ongetwijfeld nog wel waar zijn dat lager opgeleiden, of mensen met een laag inkomen, gemiddeld minder toegang hebben tot internet dan hoogopgeleiden of mensen met hogere inkomens. Kortom: de gemiddelde internetter is nog altijd niet gelijk aan de gemiddelde burger.
Het aantal bestuurders/politici met een eigen website groeit snel. Niemand weet precies hoeveel raadsleden een site hebben, maar de redactie van destemvan.nl was zo vriendelijk mij de laatste telling van hun databestand te geven: 101 websites van raadsleden. Maar, op een totaal van minstens zeveneneenhalf duizend raadsleden is 101 websites toch nog buitengewoon laag. Wethouders met een eigen website zijn zo mogelijk nog uitzonderlijker: 32 (waarvan 7 in Utrecht, 7 in Rotterdam en 6 in Tilburg). Het meest uitzonderlijk zijn momenteel burgemeesters met een eigen site: destemvan.nl komt op 5 stuks.
Ik ben in november 2002 met mijn eigen website begonnen om meerdere redenen:
- ik zocht een manier om mijn standpunten te kunnen uitdragen;
- ik zocht een ‘eigen etalage’, om te laten zien wie ik ben en wat ik doe;
- ik zocht een manier om publiekelijk verantwoording af te kunnen leggen van mijn werk als raadslid.
Een website, en in het bijzonder een weblog, leek mij daartoe het ideale instrument. En in de bijna 2 jaar die ik mijn site nu, vrijwel dagelijks, bijhoudt, heb ik er zeer positieve ervaringen mee op gedaan.De manier waarop bestuurders/politici zich op internet presenteren is zeer divers. Raadsleden presenteren zich over het algemeen nadrukkelijk als partijlid. Hoewel het soms zoeken is naar de gemeente waar ze in de raad zitten (ook op mijn website is dat niet op de eerste oogopslag duidelijk trouwens). Bij wethouders ligt dat al wat gecompliceerder. Jan Hamming, wethouder in Tilburg, en een voorloper als politicus op internet, presenteert zich niet als partijlid, maar als bestuurder van Tilburg. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Assen, waar wethouder Gerrit Piek zich juist wel nadrukkelijk als PvdA-lid presenteert, of VVD-er Tom van Maurik in Leeuwarden.
Bij burgemeesters met een website ligt de manier van presenteren ook zeer divers. Annemarie Jorritsma, burgemeester van Almere, heeft dan volgens destemvan.nl een eigen website, maar veel meer dan een c.v. met foto is het niet. Heel anders ziet de site van Ivo Opstelten, burgemeester van Rotterdam eruit. Maar zijn site is in feite onderdeel van de website van de gemeente Rotterdam en ik betwijfel of hij persoonlijk veel inbreng heeft op z’n site. Geheel anders is dan de website van Peter Rehwinkel, burgemeester in Naarden. Voor zover ik kan nagaan is hij de enige burgemeester die zelf z’n eigen site bijhoudt en wiens site daarmee dan ook echt een persoonlijke presentatie is.
Ik ben er van overtuigd dat in de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 internet een grote rol zal gaan spelen. Het is te verwachten dat tegen die tijd veel meer raadsleden zich op internet zullen presenteren en dat alleen het hebben van een site niet meer een profileringspunt zal zijn, maar wel de manier waarop je er mee omgaat. Een paar tips:
- Hou het simpel. Al te veel toeters en bellen leidt alleen maar af van de boodschap.
- Hou het kort: lange verhalen leest niemand van een scherm (dit verhaal is daar dus een slecht voorbeeld van).
- Hou je site bij: actualiteit is van groot belang.
- Hou het relevant: wie zit te wachten op je vakantiefoto’s?
- Hou je lezers voor ogen: wat je om 1 uur ‘s nachts, met een borrel op, nog vindt kunnen, wordt de volgende dag, door je lezers, waarschijnlijk een stuk minder gewaardeerd.
- Bedenk van te voren hoe je met reacties wilt omgaan. Heb je de tijd en de wil om te reageren? En hoe wil je omgaan met vervelende reacties?
- Beantwoord je mail!
- Als je het doet, doe het dan goed. Geen site is altijd nog minder erg dan een slechte site.Ten slotte: als je het goed doet, heb je met een eigen website een prachtig communicatiemiddel in handen, dat ook nog eens als naslagwerk dienst kan doen.
wat ik mis in je presentatie, is dat je weblog moet hebben, omdat je het zelf leuk vindt om te doen en het zelf belangrijk vindt. Als je het alleen doet met het idee om jezelf te profileren of dat je denkt dat je er bekender door wordt, denk ik dat het vies tegen zal vallen.
Over de relevantie, ben ik met je eens, maar mijn ervaring is dat ik tijdens mijn vakantie net zoveel entheusiaste bezoekers had, als normaal.
Harry, gelukking denken Rosita (SP) en ik wel vaker anders over dingen. Wat de kwaliteit van de foto betreft, ik heb niet geflitst want dan zou het beeld op het scherm op de achtergrond onzichtbaar zijn geworden. Dit soort foto’s, met een digitale camera, blijven een compromis tussen kwaliteit en gebruiksgemak.
Inderdaad, je moet het wel met plezier doen – anders wordt het *niets*.
Verder is de weblog ieders eigen invulling en de ene vidnt dit en de ander vindt dat. Zo ook met dingen die mij raken. Soms een dingtje die ik mee maak in het dagelijkse leven of op mijn werk. Een beetje inzicht geeft dat in wie je bent als persoon. Maar dat is iets persoonlijks – iets hoe je met je log wenst om te gaan. Verder kom ik ongegelmatig even bij je kijken, om te zien wat er speelt of wat en hoe je het doet.
Ik ben zo vrij geweest om je stukje ook even op mijn log te posten.
Renee, dat van die persoonlijke inbreng is natuurlijk terecht. Tijdens de conferentie stelde een van de deelnemers dat het hem nogal eens tegen de borst stuit wat sommige raadsleden op hun weblog schrijven. Ik vind dat nu eigenlijk juist een voordeel van zo’n log, het laat zien hoe iemand is. Niet alleen de standpunten worden duidelijk, maar ook de wijze van doen, de stijl, etc. De een zal het aanspreken, de ander zal het juist afstoten.