In BinnenlandsBestuur van deze week een interessant artikel (geen link) over een klacht van een inwoner van de gemeente Heemstede die zich verzet tegen het vervangen van de schriftelijke notulen door een audio verslag. Volgens hem is het verslag van de gemeenteraadsvergaderingen niet langer voor iedereen toegankelijk en “verzuimt (de gemeente) op ernstige wijde (de) plichten die in de gemeentewet zijn opgelegd”.
Recent nam de gemeenteraad van Heemstede het besluit om de raads (en commissie) vergadering niet langer schriftelijk te notuleren. De beraadslagingen zijn voortaan te beluisteren via het audioverslag. De gemeente Heemstede volgt hiermee het voorbeeld van heel wat andere gemeenten waar ook gebruik gemaakt wordt van audio- of videoverslaglegging.
Volgens mij zijn er twee vragen aan de orde:
1) zijn er wettelijke voorschriften die bepalen op welke manier verslag van de beraadslagingen moet worden opgemaakt?
2) welke vorm van verlaglegging is het meest wenselijk.
Mij zijn geen wettelijke voorschriften bekend. De gemeentewet bepaalt dat de gemeente de vergaderingen van het gemeentebestuur publiekelijk aankondigt (art. 19) en die vergaderingen moeten publiekelijk toegankelijk zijn (art 23). Art 23 lid 5 bepaalt verder dat een besluitenlijst openbaar gemaakt wordt. Wettelijke bepalingen ten aanzien van de wijze van notuleren zijn er niet.
Rest de vraag welke manier van verslaglegging het meest wenselijk is. Volgens mij is dit aan de gemeenteraad zelf om te beoordelen. Niet iedereen heeft internet, dus als je toch alleen via internet verslag wilt leggen van de vergaderingen is het wel zo netjes om iets te regelen voor diegene die geen toegang tot internet hebben. In de gemeente Heemstede is dit bijvoorbeeld gedaan doordat burgers op het stadhuis de audioverslagen mogen beluisteren. Ook is het modelijk een CD-rom met het verslag aan te vragen.
Kortom, ik zie geen reden waarom audio- of videoverslaglegging van de raadsvergaderingen onwettig danwel onwenselijk zouden zijn.
Het komt er op neer dat TNT-Post, een commercieel bedrijf, zich in feite op stelt als eigenaar van de postcodes. TNT ontvangt alle postcode informatie van de gemeenten, en vraagt er vervolgens geld voor als anderen het postcode bestand willen gebruiken.
Dat TNT geld vraagt voor haar dienstverlening is op zich prima. Maar dat TNT een monopolie lijkt te bezitten op de postcodes is vreemd. Een postcode is toch niet iets wat je een monopolist in handen wil geven, die er vervolgens geld aan mag verdienen? Waarom legt de overheid niet een open bestand aan, waar een ieder die dat wil gebruik van kan maken? Postcodes komen met dank aan publiek geld tot stand, dan zou het product, de postcode, toch ook publiek beschikbaar moeten zijn?
Er wordt veel gediscussieerd over open source software en open standaarden. Een open, transparante en controleerbare overheid is daarbij het wensbeeld. De huidige situatie met de postcodes illustreert nog maar eens dat er nog heel veel curieuse gesloten situaties bestaan die vragen om meer openheid.
De gemeente Alphen aan de Rijn plaatst opnieuw vertrouwelijke documenten op de website. Eerder schreef ik over een soorgelijk geval bij de gemeente Ede. Nu dus Alphen.
Gemeenten streven meer en meer openheid en transparantie na. Maar ik vermoed dat het plaatsen van vertrouwelijke documenten (in het geval van Alphen ging het om een koopovereenkomst) niet echt de bedoeling was. Deze voorvallen illustreren nog maar eens dat het online publiceren van documeten niet zo simpel is als vaak gedacht wordt.
Voor de gemeente Zoetermeer werk ik momenteel als projectleider aan de vernieuwing van het raadsinformatiesysteem. De vormgeving en inrichting van het document management systeem is daarbij een cruciaal onderdeel van het project. Fouten als van Ede en Alphen moeten uiteraard voorkomen worden.
In de BinnenlandsBestuur van deze week kwam ik een curieus bericht (geen link) tegen. De gemeente voert een onderzoek uit naar het lekken door een D66 raadslid van vertrouwelijke informatie. Het raadslid stelt dan hem geen blaam treft aangezien hij citeerde uit een door de gemeente op de website gepubliceerd document.
Niet te goeder trouw
De gemeente Ede stelt dat Marcel van Buren niet te goeder trouw was. Hij wist dat de betreffende documenten vertrouwelijk waren. Toen hij ze op internet aantrof had hij de gemeente moeten waarschuwen en niet er in de raadsvergadering uit citeren. Burgemeester Van der Knaap laat nader onderzoek doen. Ik neem aan dat hij dat hij ook meteen laat uit zoeken hoe het kan dat er vertrouwelijke stukken op de website gepubliceerd worden.
Appeltje te schillen
Burgemeester Van der Knaap heeft waarschijnlijk nog een appeltje te schillen met Van Buren. Het D66 raadslid had namelijk al eerder een akkefietje met burgemeester Van der Knaap. Of zullen we maar aannemen dat een en ander niets met elkaar te maken heeft?
Nieuws
De gemeente Ede vindt dit allemaal niet echt nieuwswaardig, op haar site maakt de gemeente geen melding van deze kwestie. Dat er blauwalgen in de heidebloemplas zijn gevonden, dat is pas nieuws natuurlijk.
OOg-radio besteedde aandacht aan de hoge notering van de gemeente Groningen op de NOiV ranglijst van overheden. Aan het woord kwamen Gjill Smit van de gemeente Groningen en ikzelf. Zie ook mijn eerdere berichtjes hierover.
Altijd leuk als Groningen ergens hoog scoort. En helemaal leuk als dit over open source en open standaarden gaat. Maar enige nuancering is toch wel op z’n plaats.
Ten eerste: van de ruim 450 gemeenten staan er maar 84 in de ranglijst. Waarschijnlijk doen veel van de gemeenten die niet reageerden het nog veel slechter. Maar ook een gemeente als Heerenveen, die juist heel veel met Open Source doet, ontbreekt in de lijst.
Ten tweede: sommige vragen die in de ranglijst aan de orde komen zijn wel erg vrijblijvend. Een manifest ondertekenen (10 punten) is mooi, maar zegt niet zo veel. Het hebben van een implementatie strategie (20 punten) is ook mooi, maar zegt nog niets over de realisatie van die strategie. Oftewel, alleen al met een paar letters op papier is al 30 punten te scoren.
Vandaag kwam ik een interessant lijstje van NOiV tegen. Deze ranking voorjaar 2009 laat zien hoe de Nederlandse overheden zich aan de richtlijnen en aanbevelingen van het NOiV houden. Op een rangorde van 0 tot 100 scoren de ministeries gemiddeld 64. De gemeenten doen het nog veel slechter met een gemiddelde scoren van 29,2. De grote gemeenten (> 175.00) doen het daarbij een stuk beter met een score van 56,9. De waterschappen scoren het slechtst (24,7).
De gemeente Groningen scoort trouwens heel netjes met 81,5 en staat daarmee tweede in de ranglijst van alle overheden. Als een van de oorspronkelijke voorvechters van Open Source en Open Standaarden in Groningen ben ik daar best wel een beetje trots op. Maar dat de overheden gemiddeld zo slecht scoren is bedroevend natuurlijk. Kennelijk wordt er nogal verschillend aangekeken tegen transparantie, leveranciersonafhankelijkheid, en toegankelijkheid van overheidinformatie (om maar een paar argumenten te gebruiken).
Eerder schreef ik al over de vreemde situatie dat er gemeenten zijn die geld vragen om inzicht te geven in openbare informatie. Daar kwam toen nog bij dat de Vereniging Nederlandse Gemeente op zn zachtst gezegd dubbelzinnig advies geeft over de Wet Openbaarheid van Bestuur aan gemeenten.
Brenno de Winter, onderzoeksjournalist en bloggend als Bigwobber, was de aanleiding voor mijn eerdere artikel en hij geeft nu zelf een uitgebreide toelichting. Strekking van zijn verhaal: het is toch vreemd dat, sommige, gemeenten flinke bedragen in rekening brengen voor het verstrekken van openbare informatie.
In de vroegere papieren wereld kon je je nog voorstellen dat er kopieerkosten in rekening gebracht werden (je had het anders ook nog wel gratis zelf mogen overschrijven). Maar in een digitale wereld? Zou het niet uitgangspunt moeten zijn dat openbare overheidsinformatie via de website voor iedereen (want openbaar) toegankelijk is? Nu weet ik uit ervaring dat dit veel makkelijker gezegd dan gedaan is. Maar om dat eigen gemis nu te garneren met een flinke factuur voor iemand die toch die informatie wil hebben, is wel heel apart.
Vanuit de gemeente kan ik me de redenering trouwens wel indenken: tjonge, waarom wil iemand dat nou allemaal weten? Die informatie hebben we niet klaar liggen. Dat moet dus uitgezocht worden. En wie gaat dat dan betalen? Kom, laten we daar dan maar leges voor in rekening brengen.
Helaas, dat laatste mag helemaal niet. Nog afgezien van het morele standpunt (openbare informatie moet kostenloos beschikbaar zijn) zijn deze facturen ook juridisch kwestieus: alleen kosten die betrekking hebben op te maken kosten voor de reproductie, mogen namelijk in rekening worden gebracht.
Na al het enthousiasme over data.gov, dacht ik vanochtend: “eens kijken hoe dat het met de toegankelijkheid van de data van ons CBS zit eigenlijk”. Voor het ontsluiten van gegevens heeft het CBS Statline ingericht. Als je na het nodige doorklikken bij de ruwe gegevens bent aangekomen krijg je verschillende opties aangeboden om die data te gebruiken (csv, etc). Mooi. Ook zijn er directe links naar de tabel mogelijk. Ook mooi.
In een van de reacties op het lanceren van data.gov riep iemand lyrisch uit dat dit initiatief uniek is in de wereld. Ik denk dat dat nogal mee valt eigenlijk. Data.gov is modern, maar is zeker niet uniek. Het mooie van data.gov is echter wel dat alle gegevensbestanden, vanuit een veelheid van bronnen, bij elkaar samen komt.
Maar, het CBS heeft qua toegankelijkheid nog wel ‘ruimte voor verbetering’ (om het maar positief te formuleren). Als ik op de voorpagina van Staline klik op ‘kaart’ krijg ik doodleuk de reactie: “Dit onderdeel wordt alleen ondersteund in Microsoft Internet Explorer.” Niet meer van deze tijd! Platform onafhankelijkheid is bij het CBS nog niet doorgedrongen.
Gisteren is data.gov live gegaan. De site is een initiatief van de Amerikaanse overheid en biedt zo veel mogelijk ‘raw data’ (onbewerkte gegevens) aan. De site is nog maar een eerste begin, nog veel meer gegevens worden in de nabije toekomst online verwacht.
Waarom is dit interessant?
Data.gov maakt het mogelijk voor ieder die dat wenst om gebruik te maken van de gegevens die de overheid verzamelt. Niet gefilterd of verwerkt door de overheid zelf, maar open, transparant en toegankelijk. Alweer een resultaat van het memorandum van Obama, waarmee hij zich uitsprak voor een open overheid.
En in Nederland? Als het aan mij lag zou de Nederlandse overheid energie steken in dit soort transparantie, inplaats van weer een nieuw ‘communicatie instrument’ zoals www.rijksoverheid.nl.
Ik ben gefascineerd door de rol die internet kan spelen in het contact tussen burger en overheid. Heeft U een project op dit raakvlak, dan denk ik graag met u mee. Meer over mij.
/reacties